Memorandum 2014 - Facilitering en financiering

4.  Facilitering en financiering van de Vlaamse zeehavens

4.1. Faciliteren van vlot en veilig scheepvaartverkeer

De Vlaamse Havencommissie vraagt om, met het oog op het realiseren van een vlot en veilig scheepvaartverkeer in de Vlaamse havens, te opteren voor de ketenbenadering, waarbij de diverse betrokken publieke en private partijen hun operaties op elkaar afstemmen.
Bij zowel de publieke als de private partijen zijn efficiëntieverbeteringen nodig en mogelijk. Voor wat de publieke diensten betreft kunnen en zullen deze efficiëntieverbeteringen het voorwerp uitmaken van overleg in de geëigende organen, uitgaande van de volgende principes en randvoorwaarden:
•    Er wordt gestreefd naar een bedrijfszekere, performante en modern uitgebouwde Vlaamse overheidsorganisatie van algemeen belang.
•    Veiligheid moet te allen tijde gegarandeerd blijven.
•    Een maximale toegankelijkheid van de havens moet worden nagestreefd.
•    Universaliteit van dienstverlening blijft een basisprincipe: de geleverde diensten zijn beschikbaar voor alle klanten, ongeacht hun grootte of marktmacht.
•    De gebruikers moeten bij dit beleid betrokken worden.

 

4.2. Verbetering maritieme toegankelijkheid

De Vlaamse Havencommissie vraagt om binnen het havenbeleid de maritieme toegankelijkheid van elk van de Vlaamse havens als hoofdprioriteit te beschouwen, dit in functie van de evoluerende behoeften van de scheepvaart. De maritieme toegang moet worden gegarandeerd door enerzijds de baggerwerken op zee en in toegangsvaarwegen zoals rivieren en kanalen en anderzijds door de basisinfrastructuur zoals de sluizen die toegang tot havens of havendelen verschaffen. De Vlaamse Havencommissie wijst op de noodzaak van onderzoek teneinde een optimale maritieme toegankelijkheid voor de toekomst te garanderen.
De Vlaamse Havencommissie vraagt de Vlaamse Regering daarom een hoge prioriteit toe te kennen aan de realisatie van de drie sluisprojecten in de Vlaamse havens: de verdere afwerking van de Deurganckdoksluis, de bouw van een nieuwe sluis in Terneuzen die de toegankelijkheid van de haven van Gent moet verbeteren en de vervanging van de Visartsluis in het Strategisch HaveninstrastructuurProject (SHIP) in Zeebrugge.

De financiering van basisinfrastructuur (sluizen e.d.) is volgens de Vlaamse Havencommissie bij uitstek een taak van de overheid en hiervoor moeten, gegeven de bij de havens bestaande behoeften op dit vlak, de nodige budgetten worden voorzien.

Een klassieke budgettaire financiering waarbij de integrale kosten tijdens de fysieke bouwperiode onmiddellijk en voor 100% ten laste zouden worden genomen van de begroting van het Vlaams Gewest is bijzonder moeilijk. Een verantwoorde spreiding in de tijd van de uitgaven, gekoppeld aan een responsabiliseringsbijdrage van de haven-besturen kan dan ook verdedigd worden. De totale kostprijs van deze infrastructuur dient te allen tijde duidelijk en transparant kenbaar gemaakt te worden.

 

4.3. Bestendiging en verdediging van het huidige financieringssysteem

De Vlaamse Havencommissie vraagt het Vlaams Gewest om de Vlaamse havens te ondersteunen in hun rol als economische poorten. Overeenkomstig het Havendecreet moet het Vlaams Gewest, op een administratief vereenvoudigde manier, de nodige middelen voorzien voor:
•    de financiering van maritieme toegang en basisinfrastructuur;
•    de medefinanciering van haveninfrastructuur (uitrustingsinfrastructuur en haveninterne basisinfrastructuur);
•    de financiële ondersteuning van taken die door hun aard typische overheidstaken zijn en die door de havenbesturen worden uitgevoerd.
Dit havenbeheers- en financieringsmodel ligt mee aan de basis van het goed functioneren van de havens en is bovendien goedgekeurd door de Europese Commissie. De Vlaamse Havencommissie vraagt aan de Vlaamse Regering om het bestaande Vlaamse systeem te verdedigen, ook en vooral omdat door sommige andere EU-lidstaten druk wordt uitgeoefend op de Europese Commissie om een beleid te voeren dat niet compatibel is met het Vlaamse systeem.

 
In een ontwerpresolutie van het Vlaams Parlement in het kader van de Europese ontwerpverordening rond toegang tot de markt voor havendiensten en financiële transparantie van de havens  wordt opgemerkt dat er in Vlaanderen vandaag reeds een robuust, door Europa gelegimiteerd decretaal kader bestaat dat de vier havenbedrijven/havenbeheerders aan gelijke en uniforme regels inzake transparantie en non-discriminatoire behandeling van havengebruikers onderwerpt en er mee helpt voor zorgen dat ondernemingen actief binnen het havengebeuren aan normale marktvoorwaarden kunnen opereren. In de resolutie 2147 werd gevraagd door het Vlaams Parlement, als reactie op de genoemde Europese ontwerpverordening, om de reeds door de Europese Commissie gelegimiteerde good practice van het Vlaamse havenbeheer in beginsel onverlet te laten.
 
De Vlaamse Havencommissie vraagt om dit beheers- en financieringssysteem te bestendigen, om hiervoor de nodige middelen te voorzien en om het bestaande systeem tegenover derden te verdedigen.

4.4. Onderbouwde evaluatie van infrastructuurprojecten 

De Vlaamse Havencommissie vraagt om een rationeel investeringsbeleid te voeren, waarbij grote infrastructuurwerken in de zeehavens worden ondersteund door gedegen en onderbouwd evaluatieonderzoek. Het kader dat daarvoor in de afgelopen legislatuur werd ontwikkeld (de “Standaardmethodiek MKBA??), met als basis de maatschappelijke kosten-batenanalyse, moet in de komende legislatuur beoordeeld en desgevallend bijgestuurd en geïmplementeerd worden.

In de afgelopen legislatuur werd onderzoek gepleegd naar de methodologie die het beste gebruikt wordt bij de evaluatie van grote infrastructuurprojecten in zeehavens. Het resultaat van dat onderzoek, de zgn. Standaardmethodiek MKBA, dient in de komende legislatuur op zijn deugdelijkheid te worden getest en desgevallend te worden bijgestuurd. De Vlaamse Havencommissie wil betrokken worden bij dergelijke evaluatie en vraagt uitdrukkelijk dat er met de opmerkingen die zij in eerdere aanbevelingen heeft geformuleerd, rekening wordt gehouden.

Duidelijke regels, in functie van een rationeel investeringsbeleid, leiden tot goed onderbouwde dossiers, verminderde doorlooptijden van dossiers, efficiënte besluitvorming en bieden een houvast voor de indieners van projecten.